Het zijn de ongeschreven regels die een team kunnen (ont)binden

Sinds twee maanden is Eunice Lionarons manager Onderwijs, Opleiding & Training in het Academisch ziekenhuis te Paramaribo, Suriname. Haar opdracht luidt: het verstevigen van de unit op mensen, inhoud en positionering. Eunice is als eerste begonnen met de mensen en heeft vooral haar ogen (observeren) en oren (luisteren, vragen stellen) open gezet. ‘Nu zou je kunnen veronderstellen dat, omdat we dezelfde taal spreken, we uit hetzelfde land komen en dezelfde ambitie hebben, dit proces al bij aanvang succesvol zou moeten zijn.’ Niets is minder waar, aldus Eunice.

De dingen die niet gezegd worden

Het zijn juist de dingen die niet gezegd worden, de woorden die nog net worden ingeslikt, het zijn de blikken die uitgewisseld worden zonder dat daar woorden aan te pas komen en het is de lichaamstaal. Als nieuwkomer in een dergelijk team heb ik dit van tevoren allemaal bedacht. Ik heb van tevoren een beeld gevormd hoe dit zou verlopen. En toch, het zijn de ongeschreven regels die gelden in een team, de informele hiërarchische positie van enkele leden en de status die zij (menen te) hebben. En daar gaat het mis.

Weten wat de mening van de ander is
In overleggen en gesprekken treden de ongeschreven codes in werking. De aannames, veronderstellingen en interpretaties zijn sterk aanwezig. Er worden weinig vragen gesteld omdat de teamleden denken te weten wat de mening van de ander is, hoe de ander denkt, de teamleden trekken conclusies op basis van eerder opgedane ervaringen en in elk overleg lijkt de historie de overhand te nemen. Een bijkomstige factor is de familiecultuur en het “wij-gevoel” dat sterk aanwezig is in deze samenleving en dus ook op de werkvloer. Elkaar als familie zien werkt over het algemeen belemmerend op professionele standaarden.

Pas vragen als je iets gezegd wordt
Ik ben nu bezig de teamleden te stimuleren om hun veronderstellingen eerst te toetsen bij de ander door vragen te stellen. Dat lijkt een hardnekkige “kwaal”. Zij kunnen vragen stellen over de inhoud maar vragen die gaan over het gedrag of handelingswijze van de ander, lijken een brug te ver. En dan ineens dringt het tot mij door wat daarvan de oorzaak is. Het is onze opvoeding geweest. We zijn allemaal opgevoed met de instructie : pas als je iets gevraagd wordt, mag je antwoord geven of je mag niet praten als de volwassenen praten. Vragen stellen hoort daar helemaal niet bij. Vragen stellen betekent hier dat je nieuwsgierig bent.

Bovenstaande feiten houden in dat de overleggen veelal gericht zijn op zenden van informatie en dat is ook terug te zien in gesprekken. Men deelt informatie met elkaar door alleen te zenden. Er zit geen feedback in, er zit geen vraag in, er zit geen reactie in. In de kortste tijd was ik dus het medium waartegen alleen maar gezonden werd.

Uitdagingen
Mijn uitdaging zit nu in de medewerkers te stimuleren door de volgende instructies:

  • kijk om je heen, observeer en luister
  • vraag jezelf af op welk deel van de reeds net uitgezonden boodschap je zou willen reageren en waarom
  • reageer in eerste instantie door een vraag te stellen, want daarmee help je de ander tot nadenken en toets je tegelijkertijd jouw eigen veronderstellingen
  • als de ander heeft geantwoord, geef dan jouw net gevormde mening

Als leidinggevende reageer ik consequent op gedane veronderstellingen of aannames met de vraag: denk je dat of weet je dat? En als je dat weet, hoe ben je erachter gekomen?

En zo hoop ik samen met deze mooie mensen tot een betere communicatie te komen en de veronderstellingen dus ook de informele hiërarchische posities zoveel mogelijk uit te bannen. Op deze manier kunnen wij tot een wat meer evenwichtig team komen met professionele waarden en normen. Ik ben ervan overtuigd dat het nog enige tijd gaat duren en dat vooral een lange adem nodig is.

Geïnteresseerd
Wilt u meer weten over teamontwikkeling? Ans de Haas vertelt u graag meer over het opleidingsaanbod van MEEK2. U kunt Ans bereiken op 06 212 044 12 of ans.dehaas@meek2.nl.

Naar toegankelijke hulp bij licht verstandelijke beperking