Mensen met autisme geknipt voor criminele opsporing

De inzet van autistische camerabeeldspecialisten draagt bij aan de kwaliteit en efficiency van opsporingsonderzoeken. Dat is de conclusie van een evaluatie van RadarAdvies. In 2017 startte de Haagse politie met de pilot ‘Camerabeeldspecialisten’, waarbij binnen opsporingsonderzoeken mensen met autisme worden ingezet om grote hoeveelheden camerabeelden systematisch te bekijken. De pilot is volgens de onderzoekers niet alleen een succes op het gebied van opsporing, maar ook op het gebied van arbeidsmarktintegratie: de beeldspecialisten worden ingezet op hun talent en de werkomgeving wordt aangepast aan hun behoeften. 

Ruim 1% van de Nederlandse bevolking – een groep van zo’n 190.000 mensen – is gediagnosticeerd met autisme. Volgens cijfers van het CBS zijn de verdiensten uit arbeid voor 93% van de totale beroepsbevolking de voornaamste inkomstenbron. Bij mensen met autisme is dit slechts 25%. Minder dan 30% van de Nederlanders met autisme werkt in een ‘gewone’ betaalde baan en slechts de helft daarvan werkt met plezier.

Wie dergelijke cijfers ziet is al snel geneigd autisme te zien als handicap. De moeite die mensen met autisme hebben om (met plezier) ergens te werken heeft echter alles te maken met het feit dat ze afwijken van wat is verworden tot ‘de norm’. Algemeen gesproken kan autisme worden beschouwd als een andere manier van informatieverwerking in de hersenen, die zich uit in afwijkingen van die norm op gebieden als (non-)verbale communicatie, sociale interactie en gedragspatronen.

In sommige gevallen – de manier waarop autisme zich uit loopt sterk uiteen, wat ook wordt uitgedrukt in de verzamelnaam ‘Autisme Spectrum Stoornis’ – betekent dit dat omgevingsprikkels die voor de meeste werkenden geen probleem zijn als zeer storend worden ervaren. Ook kunnen mensen met autisme soms moeilijk omgaan met de complexe sociale omgangsvormen die voor velen van ons zo vanzelfsprekend zijn. Zo interpreteren ze taal vaak letterlijk en hebben ze veelal moeite emoties te herkennen in iemands gezichtsuitdrukking, waardoor de sociaal wenselijke empathie nog weleens achterwege blijft.

Bron: Consultancy.nl